16 06 2010 t/m 22 06 2010
Dagboek vóór de aanvang van Sector 06, Telpost Millingen a/d Rijn. 

Voor de Sector, Millingen a/d Rijn

Voor de Sector’, een nieuw dagboek Ria Roerdink 16 juni 2010  Dag 1.

 

Nog een week te gaan voordat ik begin aan mijn elf dagen in de Telpost in
Millingen a/d Rijn.

-

Het is een stralende blauwe junidag; een van de weinige zomerse dagen;
dagen dat je weg wil gaan en reizen…

Ik heb niets meegemaakt, geen lente, geen koninginnendag, ik bedoel maar!
En plotseling is het dus 16 juni.

-

 Er ontstaan nieuwe beelden van boten die varen. Het beeld dat van de Telpost, zomer, water en boten met namen, 24 uur, niet slapen, het is nog bijna de langste dag. Ik ga tellen en meten en namen geven aan mijn bootjes van papier.

En dan schoenen van steen met namen in het landschap.

Kan ik een verhaal vertellen op de muren van beton?

Of kan ik even vergeten wat gedaan moet worden en mij verschansen in deze vrijplaats.

Of worden er dan vragen gesteld die ik niet beantwoorden kan?

Kan ik een verhaal vertellen over wat nog meegemaakt moet worden?

Transparantie in de geheimen.

 

Elf dagen  en 7 dagen ga ik benoemen:

Een teldag: ik tel de boten en noteer de namen.

Een schrijfdag: ik ga schrijven over water.

Een maakdag: er worden bootjes gevouwen.

Een bewerkdag: de laarzen worden beschreven.

Een plaatsdag: de juiste plaats wordt bepaald van de laarzen.

Een beelddag: de boten varen.

Een nieuwe denkdag: de volgende ideeën.


 Voor de Sector’ Ria Roerdink 17 juni 2010  Dag 2.

 

Wat is het verband tussen schoenen en boten. Wat doen de woorden daarbij.

De schoenen bewegen zich voort over het land; de boten verplaatsen zich op het water.

Het verband is de tijd: in de verplaatsing ligt de essentie, uitgedrukt in momenten.

Zoveel voetstappen om de loop van de rivier te volgen, zoveel liter water wordt gedragen.

En de subjectieve ervaring: hoe lang duurt een voetstap en hoeveel water wordt verplaatst in een meter.

 

En wat zegt het dan. Hoort daar een beeld bij.

En wanneer keer je terug tot de woorden.

Woorden die verleiden.

Namen die genoemd moeten worden. Schoenen de dragers; brengen op andere plaatsen de namen.

Namen die van ver komen en nog verder moeten gaan.

Voorbijgangers op boten en vlaggen die tekens geven.

Om even vast te kunnen houden, klanken proeven uit vreemde monden.

Bewegingloos zie je het aan; versterkt door de ongrijpbaarheid van de afstand.

Altijd worden er weer nieuwe vluchtpogingen gedaan.

Je loopt harder.

Nieuwe boten varen .

Ik geef ze hun naam. Noteer de tijd dat ik ze voorbij zie varen.

En verzamel de namen , de tijden.

Ik tel de ruimte.
 

Voor de Sector’ Ria Roerdink 18 juli 2010 Dag 3.

 

Dag drie is versnippering.

Ik weet nu dat er 175000 boten per jaar langs de Telpost varen.

Dat zijn er 479,17 per dag.

Ik wil één dag en nacht de boten tellen en benoemen.

24 uur namen noteren en het moment waarop de Telpost gepasseerd wordt.

Maandag is geen doorsnee dag; het is dan rustiger; veel boten zijn onderweg

om hun lading te lossen.

Dus misschien is dinsdag een perfecte dag.

De Telpost weer even terug in oude glorie.: het voor mij mysterieuze tellen van schepen.

Ongrijpbare betekenis; namen opgeteld  en neergestreken in grote woordenboeken.

Zo onzichtbaar verblijf van opgetelde momenten.

 

Woorden die meegenomen worden naar nieuwe dragers.

Nieuwe identiteit op steen en papier, blijvend of opnieuw vervagend.

Wat houd je vast wanneer is er een blijvende betekenis.

 

Bootjes van papier, voetstappen in steen.

Hoop op blijvende betekenissen.

 

Voor de Sector’  Ria Roerdink 19 juni 2010  Dag 4.

 

Ik vraag me af of er een verschil zichtbaar gaat worden:

Ik,  hier,  achter mijn schrijftafel, uitkijkend over huizen, de straten , een streepje lucht.

Gedachten en ideeën in een stedelijke omgeving.

Of  het land het water, de Telpost en het panorama met de enorme luchten,

Alsof je je in het overweldigende landschap zelf bevindt: klein en onbetekenend,

of klein en opgenomen in het geheel.

Welke ideeën komen voort uit een zo veranderend perspectief.

 

Uiteraard neem ik  mijn ideeën mee, over beweging en  verandering, over de ontmoeting

tussen taal en beeld over humor.

Krijgt het een vervolg. Doen nieuwe elementen hun intrede.

Kan ik inderdaad deze komende elf dagen gebruiken als een vrijplaats waar alles mogelijk is.

Maak ik dus een nieuwe start, of keer ik via nieuwe wegen  terug naar oude sporen.

En kunnen deze sporen dan weer vernieuwend zijn.

 

Elf dagen om buiten te blijven.

Vier dagen waarop dat niet mogelijk is omdat er publiek kan komen.

Zeven dagen zonder geruchten,  zonder vragen , zonder email, zonder beslommeringen.

 

Uitgangspunt is eigenlijk de volkomen concentratie op de invloed van de open ruimte.

 

‘Voor de Sector’  Ria Roerdink 20 juni 2010  Dag 5.

 

En opnieuw zijn er de veranderende omstandigheden die om aanpassingen vragen.

Het water bij de Telpost is gestegen , het strandje bijna verdwenen; volgens de verwachte waterstanden zal het water nog meer stijgen. Aanpassingen.

Het gras en de bloemen zijn veel hoger dan enkele weken geleden; mijn voetstappen zullen er onzichtbaar in verdwijnen. Nieuwe oplossingen.

De muren van beton zijn kleiner dan in mijn herinnering; grote stukken muur zijn begroeid met ‘gemene’ struiken. Geen plaats voor poëzie.

Geen verontrusting; wekt juist nieuwe verwachtingen.

De papieren boten worden groter en tijdelijk – het water wast de namen  weg.

Luisteren naar de geluiden van het weggaan.

 

Ik hoop op blauwe luchten , weidse panorama’s, brede sterrenluchten.

Ruimte op maximale kracht.

Grote uitdaging, zintuigen tot het uiterste gescherpt.

Vraagt dit om nieuwe beelden.

Ballast verdwijnt immers. Is onbetekenend in de ruimte.

 

De halve laarzen staan klaar gegoten in steen.

Nu wacht de tijd op de namen om waargenomen te worden.

Te zien en te bestaan.

En dan optekenen.

Kleine notities in het landschap.

In beweging en in het einde.

 

Voor de Sector’  Ria Roerdink 21 juni 2010  Dag 6.

 

Wat neem ik mee en wat laat ik achter als onnodig verwarrend.

Het lijkt op de vraag welk boek je mee zou nemen naar dat onbewoonde eiland.

Een zoektocht naar het pure of naar een zekere essentie.

 

In de schijnbaar oneindige ruimte stel ik me steeds de beperking voor:

Vanuit de Telpost, de uitkijkpost kijk ik uit over het ingekaderde land het water de lucht.

De ramen bepalen mijn wereld. Ik kijk van binnen naar buiten.

 

Dit is mijn beeld totdat ik genoeg uren doorgebracht heb kijkend naar het water en de boten die voorbijvaren. Ik verwacht te ontsnappen en ver te kunnen gaan.

Zoals je de deur uitgaat, de zon schijnt, de roep van de eindeloze wegen overstemt dat wat je achterlaat.

Kom ik in beweging. Vertaal nieuwe beelden.

Een lijst van nieuwe woorden begeleiden mij.

Maar zijn er genoeg woorden om de ruimte te vullen.

 

 Voor de Sector’  Ria Roerdink 22 juni 2010  Dag 7.

 

Het afscheid. Ik ben dichterbij gekomen.

Contouren worden zichtbaar.

Ik formuleer vragen en heb boten voorbij zien gaan in gedachten.

Nu wacht ik op het begin.

 

Ongeduldige woorden niet vrij van vooringenomenheid.

Ik neem mee de taal, de afstand in de woorden.

Ik reis mee op de beelden die opgeroepen worden  in de taal.

En richt mij, op gepaste afstand, op de klanken.

Weemoed en luchtigheid, de lichtheid en het onbekende..

 

Zo samen zijn we voorbereid op onverwachte bezoekers.

De messen geslepen, ingesteld op verandering.

Niet meegezogen worden in de getijde stromingen.

Lachen om het donkerst van de nacht.

 

Ik koester de woorden, de wind en de luchten.

Neem de voetstappen mee naar de grens van het strand.

Geef me over aan de toevallige voorbijganger.

En luister naar de geruchten van de boten die voorbijgaan.

 

Ria Roerdink